CREA is het cultureel studentencentrum van de Universiteit van Amsterdam, waar mensen elkaar kunnen ontmoeten tijdens creatieve cursussen, workshops, voorstellingen, lezingen en debatten. Het gebouw is gelegen aan het water en verbonden met belangrijke looproutes binnen de Plantagebuurt. Tijdens het academische jaar is CREA een levendige plek, maar in de weekenden en vakanties blijft het opvallend rustig. Directeur Dennis van Galen (onze partner) wil CREA positioneren als stedelijke ontmoetingsplek, zonder haar identiteit te verliezen. Ons is gevraagd om te onderzoeken hoe CREA en het bijbehorende café ook buiten campustijden gebruikt, herkend en gevonden kunnen worden door verschillende socio-demografische groepen. Onze locatieverkenning liet blijken dat deze ambitie momenteel belemmerd wordt door verschillende factoren in de externe ruimte van CREA. De toegankelijkheid, zichtbaarheid, (visuele) aantrekkelijkheid van deze omgeving en het veiligheidsgevoel dat deze buitenruimte opwekt blijken namelijk beperkt voor zowel studenten als niet-studenten. Ons onderzoek en de interventie die we op basis hiervan hebben ontwikkeld wordt hieronder verder toegelicht.
Analyse
Na gesprekken, observaties en locatieonderzoek blijkt dat CREA de ambitie heeft om uit te groeien tot een stedelijke ontmoetingsplek, maar in de praktijk nog vooral wordt ervaren als onderdeel van de Roeterseilandcampus. Vooral niet-studenten lopen minder vanzelfsprekend naar binnen, omdat de plek sterk verbonden blijft met de UvA, colleges en studentenleven. De problematiek zit vooral in de zichtbaarheid, toegankelijkheid en beleving van de buitenruimte. Hoewel CREA aan het water ligt en beschikt over een terras, bankjes en een autoluwe omgeving, nodigt de directe omgeving niet altijd uit tot verblijf. Smalle doorgangen, fietsenstallingen en omliggende campusgebouwen maken de route naar CREA minder logisch voor buurtbewoners en andere stedelijke gebruikers. Daardoor wordt de ruimte vaker gepasseerd dan echt gebruikt. De theorie uit het vak hielp ons om te begrijpen waarom CREA nog niet voor iedereen als een ontmoetingsplek voelt. Een plek wordt pas betekenisvol wanneer verschillende groepen haar herkennen, gebruiken en zich er welkom voelen (Reijndorp, 2007). Bij CREA gebeurt dit nu vooral onder studenten. Daarnaast spelen institutionele verhoudingen mee; CREA wil de plek opener maken, maar is voor ruimtelijke veranderingen afhankelijk van partijen zoals de UvA, Facility Services en de gemeente.
Op basis van een co-creatieproces met verschillende stakeholders, waaronder studenten, CREA medewerkers en buurtbewoners, hebben wij gekeken naar hoe de buitenruimte van CREA nu wordt ervaren en welke veranderingen nodig zijn om de toegankelijkheid en zichtbaarheid te verbeteren. Dit gebeurde aan de hand van verschillende opdrachten, zoals photovoice, een yes-no-maybe kaart en een silent discussion. Hiermee werden zowel de positieve punten als de knelpunten van de plek zichtbaar. Ook maakten deelnemers een droomcollage waarin zij lieten zien hoe zij de buitenruimte idealiter voor zich zien. Zo ontstond een beeld van wensen voor de toekomst.
De co-creatie sessies brachten naar boven dat bewoners zich niet bewust genoeg zijn van het bestaan van CREA door de verborgenheid van de plek. Dit hangt deels samen met de beperkte verlichting na sluitingstijd van de campus, wat kan bijdragen aan een gevoel van onveiligheid. Daarnaast is er behoefte aan een visueel aantrekkelijkere en knussere buitenruimte, waarin de kern van CREA, kunst, duidelijk naar voren komt.
Interventie
Om de verschillende inzichten en wensen van stakeholders samen te brengen, is lichtkunst gekozen als interventie. Dit draagt bij aan een betere zichtbaarheid, verhoogt de aantrekkelijkheid van de omgeving, kan het gevoel van veiligheid versterken en sluit aan bij het artistieke karakter van CREA. Om dit te testen, hebben wij een kleinschalig, tijdelijk lichtkunstwerk ontwikkeld dat in een boom is geplaatst. Daarnaast hebben wij schetsen gemaakt van hoe de Nieuwe Achtergracht eruit zou kunnen zien wanneer deze interventie op grotere schaal wordt toegepast. Met behulp van een semigestructureerde interviewguide hebben we voorbijgangers op de Nieuwe Achtergracht na zonsondergang bevraagd over hun ervaringen met de campus in het donker en hun beleving van de interventie. Hieruit ontstonden de volgende inzichten:
1. Met name vrouwen geven aan zich in het donker minder veilig te voelen; betere verlichting kan dit gevoel verminderen.
2. Zachte, organische vormen, zoals vlinders, worden ervaren als rustgevend en dragen bij aan een gevoel van veiligheid.
3. Het zichtbaar maken van de looproute is essentieel, zodat bezoekers beter hun weg kunnen vinden.
4. Niet-studenten zouden eerder geneigd zijn deze route te gebruiken vanwege de visuele aantrekkelijkheid, wat ook kan bijdragen aan meer voorbijgangers bij CREA Café.
5. De zichtbaarheid van de plek kan toenemen door lichtkunst, maar meer drukte ontstaat vooral in combinatie met evenementen, zoals het Amsterdam Light Festival.
6. Bij het toepassen van verlichting is het belangrijk om rekening te houden met lichtvervuiling en het nachtleven van dieren
Voor visuele beleving van ons project, raden wij aan om onze videographic te bekijken! Hierin wordt binnen een paar minuten duidelijk waar wij de afgelopen maanden aan hebben gewerkt.
Overdracht
De voorgestelde kunstroute langs de Nieuwe Achtergracht vormt een duidelijke richting voor de invulling van de buitenruimte van CREA, met als doel het vergroten van zowel de veiligheid, aantrekkelijkheid en toegankelijkheid van de plek. Op basis van de interventie hebben wij de volgende aanbevelingen geformuleerd:
1. Het verder verkennen en uitbreiden van samenwerkingen. Hierbij kan gedacht worden aan het voortbouwen op eerdere samenwerkingen met het Amsterdam Light Festival vanuit de UvA, of het betrekken van (beginnende) lichtkunstenaars. Een concrete en laagdrempelige manier om (beginnende) lichtkunstenaars te betrekken is via een open call, waarbij zij een concept voor een lichtkunstwerk kunnen indienen.
2. Goede afstemming met betrokken partijen is essentieel. Met name het tijdig betrekken van Facility Services (UvA) is belangrijk voor vraagstukken rondom beheer, plaatsing en haalbaarheid van de lichtkunst in de openbare ruimte.
3. Het actief versterken van de zichtbaarheid van CREA. Dit kan door lichtkunst strategisch te plaatsen langs bestaande looproutes en door deze te verbinden aan activiteiten en cursussen binnen CREA. Denk hierbij aan projecten waarin cursisten zelf bijdragen aan de (tijdelijke) lichtkunst.
4. Vanwege de beperkte middelen (budget, tijd en capaciteit) adviseren wij tot slot om te werken met kleinschalige, tijdelijke ingrepen in plaats van grootschalige plannen. Door middel van pilots kan worden getest welke vormen van licht en kunst daadwerkelijk bijdragen aan een meer positieve beleving van de ruimte. Daarnaast raden wij aan om de effecten van de pilots wel goed te blijven monitoren, bijvoorbeeld door middel van observaties en korte feedbackmomenten met de gebruikers, zodat inzichten direct kunnen worden meegenomen in vervolgstappen.
Do's & Don'ts
Begin de voorbereiding van de co-creatiesessies vroegtijdig. Zo wordt het makkelijker om mensen gericht te benaderen en de sessie goed te organiseren
Begin ruim op tijd met het werven van deelnemers, om de kans op meer relatieve betrokkenen bij de co-creatiesessies te vergroten.
Stuur vroegtijdig een heldere planning naar betrokkenen met de inhoud van het programma, de duur van de sessies, verwachtingen en het belang van hun aanwezigheid.
Maak vooral video's van het onderzoeksproces, deze zijn relevant voor de videographic.
Leun bij cruciale stakeholders niet op één persoon, maar nodig meerdere contactpersonen uit van dezelfde organisatie of afdeling.
Maak de co-creatiesessies niet te statisch, ga actief in een groep aan de slag met verschillende activiteiten en creëer een sfeervolle omgeving.
Nodig geen te homogene groep uit, includeer zoveel mogelijk verschillende socio-demografische groepen tijdens jullie onderzoek om diverse inzichten te verkrijgen.